In
reactie op de 100-dagen toer van het Kabinet-Balkenende IV heeft de
Burgerlijke Raad voor het Regeringsbeleid een spookburger, in
onderzoekjargon mystery guest, 50 dagen losgelaten in overheidsland. Op
deze manier heeft de burgerraad 50 dagen kunnen luisteren naar hoe
ambtenaren reageren op een burgerinitiatief. Hieronder een verslag.
Helft gemeenten reageert niet op sociale plannen van burgers
Het is maandag 14 mei 2007, acht minuten
voor twee in de middag. Eric van der Veer, supermarktchef van een
groenteafdeling, meldt zich per e-mail bij de gemeente Aa en Hunze in
Drenthe. Eric heeft een plan, een groots plan: hij wil uitvoering geven
aan de belangrijkste ambitie van de Nederlandse regering ooit. Eric wil
samen werken, samen leven!
Door Steven de Jong (Volkskrant, Forum, 19 juli 2007)
In het gelijknamige beleidsprogramma, een kleurrijke folder
die hij boven zijn bed heeft hangen, las Eric dat het kabinet de
participatie en zorg voor elkaar wil bevorderen, maar dat niet kan
zonder de toegewijde hulp van burgers als hij. "De kracht van wijken,
buurten en dorpen moet beter benut worden!", zo schreef de
minister-president. Eric ként zijn wijk, ként zijn kracht. Hij voelt
zich aangesproken, zijn burgerplicht roept…
Eric laat in zijn e-mail weten zich zorgen te maken om de ouderen in
zijn gemeenten. “Ik merk dat ouderen die nog net zelfstandig kunnen
wonen en boodschappen doen vaak heel eenzaam zijn, en een grote behoefte
hebben aan contact.” Hij vertelt dat hij zo nu en dan die ouderen thuis
uitnodigt, maar dat zijn vrouw heeft gezegd dat “ons huis geen
restaurant is”. Na pakweg driekwart A4 komt Eric terzake: “We willen een
senioreneethuis opzetten waar iedereen om klokslag zes uur aan kan
schuiven voor een lekkere en voedzame maaltijd. Als gemeente weet u denk
ik het beste hoe het geregeld is met voorzieningen als vervoer,
locatie, etcetera. Waar ik verder niets van weet zijn de papieren
dingen.”
Er verstrijken uren, dagen, weken. Om precies te zijn: zeven weken. Tot
groot verdriet van Eric laat Aa en Hunze niets van zich horen, zelfs
geen bevestiging van ontvangst. Wil de gemeente, Erics eerste contact
met ‘de overheid’, wel met Eric samen werken? Eric denkt van niet, hij
is ontroostbaar.
Diezelfde 14 mei komt bij 432 gemeenten en 18 deelgemeenten, 90 procent
van alle gemeenten, ook een e-mail binnen met het plan voor een
senioreneethuis. Ondertekend met de vriendelijke groeten van, u raad het
al, Eric van der Veer. Deze spookburger, in onderzoekjargon mystery
guest, is door de Burgerlijke Raad voor het Regeringsbeleid (BRR) op pad
gestuurd in overheidsland. In reactie op de 100-dagen tour heeft de
burgerraad op deze manier 50 dagen kunnen luisteren naar hoe ambtenaren
reageren op een burgerinitiatief.
49 procent reageert niet
Aa en Hunze is niet de enige gemeente die Eric links laat liggen.
Maarliefst 32 procent laat niets van zich horen, en 17 procent laat het
bij een ontvangstbevestiging. 49 procent reageert dus feitelijk niet. De
rest reageert min of meer inhoudelijk, maar laat vaak doorschemeren
helemaal geen raad te weten met initiatiefnemende burgers. Ze geven een
schouderklopje (“Wat een prachtig initiatief!”), en sturen de burger met
een kluitje het riet weer in (“Veel succes!”). Ze herhalen tussen die
twee aanmoedigingen de twijfels van de burger, roepen iets algemeens
over bestemmingsplannen of horecapapieren en verwijzen vaak meteen door
naar de Kamer van Koophandel als zijnde een alwetend orakel.
Rioolrecht als antwoord
Individuele ambtenaren beseffen onvoldoende dat zij – als eerste contact
van de burger – moeten optreden als woordvoerder. Te vaak merken we dat
de ambtenaar niet verder denkt dan het eigen loket. Neem bijvoorbeeld
de medewerkster Belastingen: “Wat betreft de belastingen van de gemeente
Maasgouw kan ik u mededelen dat wij een onroerend zaak belasting en
rioolrecht kennen.” Let wel; dit is dus de enige reactie van de gemeente
Maasgouw op het burgerinitiatief. Zoomen we dieper in op de
gemeentelijke organisatie, dan is de reactie ergens wel begrijpelijk.
Ambtenaren krijgen nauwelijks ruimte voor de behandeling van bijzondere
plannen. De eerste reactie van een Hilversumse ambtenaar op het plan is
tekenend. “Zo te lezen houdt dit meer in dan alleen een
horecavergunning.” Later mailde de ambtenaar dat hij naast de stroom
verzoeken om handhaving en meldingen, dit soort dingen “erbij moet
doen”.
Eric is geen klant
Het besef dat een initiatiefnemende burger om een speciale behandeling
vraagt blijkt nauwelijks aanwezig. Het gaat hier niet om een bewoner die
een boom wil kappen, of een terras voor een kroegbaas… Nee, het gaat om
een enthousiaste burger die bij de gemeente aanklopt met de vraag hoe
hij zijn initiatief tot bloei kan laten komen, vaak geen idee heeft wat
er in de gemeente speelt en waar hij als oprichter allemaal rekening mee
moet houden. Zijn enthousiasme om sociaal kapitaal toe te voegen wordt
in de kiem gesmoord door hem als ‘klant nummer zoveel’ te behandelen.
Eric wordt weggezet als iemand met een vage, niet te beantwoorden vraag.
Iemand die tijd en geld kost.
Ambtenaren die de moeite nemen eerst met andere collega’s of
organisaties te overleggen blijken schaars. De drang om alleen vanuit
het eigen specialisme te reageren overheerst. Het zou ambtenaren sieren
als zij de initiatiefnemer eerst uitnodigen voor een inventariserend
gesprek, aftasten wat de burger kan en wil, hem vertellen over bestaande
initiatieven, en vervolgens bekijken in welke vorm het initiatief uit
de grond gestampt kan worden. Pas als dat helder is, kan de burger
gewezen worden op de benodigde papieren en regelingen. Niet eerder.
Eric op een voetstuk
Gemeenten die op deze criteria goed scoren zijn Arnhem, Beverwijk,
Cranendonck, Hoogeveen, Menaldumadeel, het Amsterdamse stadsdeel
Oud-Zuid en Kerkrade. “Wethouder Krewinkel wil graag met onze ambtenaar
dhr. Ypelaar bij u op huisbezoek komen. Dit zou voor beide heren kunnen
op (..)”, liet Kerkrade weten. Ook Opmeer verdient een pluim. Eric werd
aldaar als kandidaat naar voren geschoven in de wedstrijd ‘Met elkaar
voor mekaar’, en won in de categorie "veelbelovende ideeën, die nog
verder uitgewerkt moeten worden" een stimuleringsprijs van 750 euro. Dit
soort gemeenten plaatsen de betrokken burger, soms letterlijk, op een
voetstuk.
Als we iets kunnen leren van deze 50-dagen tour in overheidsland, dan is
het wel dat gemeentebesturen van hun ambtenaren niet kunnen verlangen
burgerinitiatieven “er even bij te doen”. Betrokken burgers verdienen
een betrokken ambtenaar.
Auteur:
Steven de Jong is oprichter
van de Burgerlijke Raad voor het Regeringsbeleid, een onafhankelijk en
zelfbenoemd adviesorgaan voor de Nederlandse overheid. Het
onderzoeksterrein van de BRR is de ruimte waar burger en overheid elkaar
lastig vallen, wantrouwen en niet begrijpen. Via undercover onderzoek
en internetdebatten tracht de BRR deze partijen nader tot elkaar te
brengen. Op burger-raad.nl nodigt hij ambtenaren uit hun expertise en
ervaringen met burgerinitiatieven te delen.
|
|
Geen opmerkingen:
Een reactie posten